Home      De start Van de Tweede Wereldoorlog      Het Derde Rijk van Adolf Hitler      Duitsland in de Tweede Wereldoorlog      Engeland in de Tweede Wereldoorlog      Amerika in de Tweede Wereldoorlog      Belgie in de Tweede Wereldoorlog      Nederland in de Tweede Wereldoorlog       Frankrijk in de Tweede Wereldoorlog      Noorwegen in de Tweede Wereldoorlog      Japan in de Tweede Wereldoorlog      Canada in de Tweede Wereldoorlog      Oostenrijk in de Tweede Wereldoorlog       Griekenland in de Tweede Wereldoorlog      Afrika in de Tweede Wereldoorlog      Polen in de Tweede Wereldoorlog      Sovjet Unie in de Tweede Wereldoorlog      Italie in de Tweede Wereldoorlog      Joegoslavie in de Tweede Wereldoorlog       Roemenie in de Tweede Wereldoorlog      Hongarije in de Tweede Wereldoorlog      Het SS Bloedbad van Oradour Sur Clan      Annelies Marie(Anne) Frank 12 Juni 1929      1-Veldslagen tijdens de tweede Wereldoorlog       1-Operaties tijdens de tweede Wereldoorlog       Werkkampen Concentratie Kampen Van Nazi Duitsland       Bombardement Tijdens de Tweede Wereldoorlog      1-Zeeslag tijdens de Tweede Wereldoorlog       1-Begraafplaats van de Tweede Wereldoorlog      Categorie militair in de Tweede Wereldoorlog      Operatie Overlord 1944       Het einde Van de Tweede Wereldoorlog  

4-Japan in de Tweede Wereldoorlog

Japans vliegtuig in de Tweede Wereldoorlog

De Aichi D3A

De Aichi D3A (Japans: 愛知99式艦上爆撃機, Aichi-kyū-kyū-shiki-kanjō-bakugeki-ki), geallieerde codenaam Val, was een Japanse duikbommenwerper uit de Tweede Wereldoorlog die in 1938 werd ontworpen door Aichi. Het was in het begin van de oorlog de belangrijkste duikbommenwerper van de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht die vanaf vliegdekschepen kon worden gelanceerd en speelde daarom een belangrijke rol tijdens Pearl Harbor.

Ontwikkeling
De Aichi was bedoeld om de D1A dubbeldekkers van de Japanse luchtmacht te vervangen. Het ontwerp was gebaseerd op de Duitse He-70 met zijn ellipsvormige vleugels. De romp leek veel op de Zero, maar was veel stijver om de krachten te weerstaan tijdens duikvluchten. Het toestel vloog relatief langzaam, zodat het niet nodig was het landingsgestel intrekbaar te maken.

Het eerste prototype vloog in januari 1938 maar de vliegeigenschappen vielen in eerste instantie tegen. Het motorvermogen was te gering en het toestel was instabiel tijdens ruime bochten. Ook de duikremmen vibreerden heftig wanneer de snelheid boven de 370 km/u kwam. Het ontwerp werd hierop aangepast en werd als D3A1 besteld in december 1939.

De motor was een Mitsubishi MK8 Kinsei 44 van 1000 pk. De bewapening bestond uit twee 7,7-mm mitrailleurs plus 170 kg bommen (140 kg bij Pearl Harbor). De snelheid bedroeg 435 km p/u op 2500 m. Het plafond bedroeg 10.400 m. Actieradius 2030 km. Gewicht leeg 1325 kg en beladen 2010 kg. Hun spanwijdte bedroeg 15,54 m bij een lengte van 11,02 m.

Operaties
In de eerste 10 maanden van de oorlog nam het toestel deel aan alle belangrijke aanvallen vanaf vliegdekschepen. Ze brachten soms aanzienlijke schade aan de Amerikaanse kruisers en vliegdekschepen. Ook werden de toestellen vanwege hun wendbaarheid soms ingezet als jachtvliegtuigen.

Bij Pearl Harbor werd het slagschip USS Arizona door Aichi's getroffen. De Britse slagschepen HMS Repulse en HMS Prince of Wales volgden drie dagen later nabij Malakka.

Later, in de zeeslagen van de Koraalzee en bij Midway, brachten ze de USS Lexington zware schade toe in de Koraalzee (die later zonk). Tevens troffen ze de USS Yorktown en de torpedojager USS Hammann.

Tegen de Amerikaanse Grumman F4F Wildcats en andere jagers waren ze echter niet opgewassen. Hun landingsgestel kon niet ingeklapt worden zoals bij andere vliegtuigen. Door de uitgestoken wielen werd de Aichi afgeremd in zijn snelheid.

Na de introductie van de Yokosuka D4Y Suisei werden de D3A's ingezet vanaf landbases of kleinere vliegdekschepen en daarna geleidelijk uitgerangeerd tot lesvliegtuig. In het laatste jaar van de oorlog werden de toestellen gebruikt voor kamikazemissies.

ShokakuVals.jpg

Rol Duikbommenwerper
Bemanning 2
Status
Eerste vlucht januari 1938
Aantal gebouwd 1486
(470 D3A1)
(1016 D3A2)
Gebruik Japan (1940-1945)
Afmetingen
Lengte 10,2 m
Hoogte 3,85 m
Spanwijdte 14,37 m
Vleugeloppervlak 34,90 m²
Gewicht
Leeggewicht 2408 kg
Startgewicht 3650 kg
Krachtbron
Motor(en) 1 x Mitubishi Kinsei 44 radiaalmotor
Vermogen 798 kW
Prestaties
Topsnelheid 427 km/u
Actieradius 1472 km
Dienstplafond 9300 m
Bewapening
Boordgeschut 3x7,7 mm Type 97 machinegeweren
Bommen 1x 250 kg of 2x 60 kg

De Aichi E13A

De Aichi E13A (Japans: 零式水上偵察機, rei-shiki suijō teisatsuki) (Geallieerde codenaam Jake) was een watervliegtuig van de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dit type watervliegtuig had twee grote, lange dubbele drijvers, waarmee het vliegtuig op het water kon landen en opstijgen. In tegenstelling tot sommige andere Japanse of Amerikaanse watervliegtuigen kon dit toestel niet op het land landen of opstijgen, zoals onder andere de Aichi H9A of de Consolidated PBY Catalina.
De Aichi E13A, met de Amerikaanse codenaam (Jake) voerde haar taken, om zo te zeggen, anoniem uit. Maar ze was doeltreffend en zeer populair bij de Japanse bemanning. Ze opereerde vooral bij Tulagi en de andere bezette eilanden in de Stille Oceaan. Het vliegtuig was iets langzamer in snelheid, door de onderhangende vlotters, dan haar beruchte naamgenoot, Aichi D3A, met dezelfde constructiebouw. Ze werd wel gevreesd door de Amerikaanse onderzeeërs. Ze bleef in dienst tijdens de oorlog rond de Grote Oceaan, vanaf 1941 tot het einde van de Tweede Wereldoorlog.
Voor de kust van China opereerde ze vanaf vliegdekschepen, watervliegtuigmoederschepen en kruisers. Later werd ze gebruikt als verkenner voor de aanval op Pearl Harbor, en werd ze ingezet in de strijd tegen de U.S. Navy, tijden de Slag in de Koraalzee en de Slag bij Midway. Ze bleef in dienst tussendoor de conflicten, voor kustpatrouilles, aanvallen tegen vrachtschepen, verbindingsdiensten, officierentransporten, reddingsoperaties, en andere missies, zoals met sommige kamikaze missies op het laatst van de oorlog.
Na de Tweede Wereldoorlog
De laatste exemplaren van dit toestel waren in dienst bij de Franse Marineluchtmacht (Aeronavale), tijdens de Eerste Indochina Oorlog, terwijl andere al voor de oorlog werden ingezet voor operaties door de Naval Air Arm of Royal Thai Navy. Een exemplaar werd opgenomen door de Nieuw-Zeelandse Marine en werden gevlogen door het RNZAF-personeel in hun marinediensten, maar ze zonk doordat ze niet werd hersteld aan haar lekkende drijfvlotters.
Er werden 1418 watervliegtuigen van dit type gebouwd.
Er werden Aichi E13 watervliegtuigwrakken gevonden, die gezonken liggen in de haven van Kavieng op Nieuw-Ierland, Papoea-Nieuw-Guinea.
Versies
Aichi-E13A1 Zero Model 11.svg
E13A1: Prototype en eerste productiemodel, later genoemd Mark 11.
E13A1-K: Oefenversie met dubbele controlepanelen.
E13A1a: Hertekende drijfvlotters, inbegrepen een radiosamenstelling.
E13A1a-S: Nachtvlucht-uitvoering.
E13A1b: Als E13A1a met een lucht-oppervlakte radar.
E13A1b-S: Nachtvlucht-uitvoering.
E13A1c: Anti-oppervlakte scheeps-versieteam met twee neerwaartse vuurmonden 20-mm Type 99 Mk 2-kanonnen in uitvoering met bommen of dieptebommen.
Productie[bewerken]
Geconstrueerd door Aichi Denki KK, Funakata: 133 stuks
Geconstrueerd door Watanabe (Kyūshū Hikoki KK, Zasshonokuma): 1237 stuks
Geconstrueerd door Hiro Naval Arsenal (Dai-Juichi Kaigun Kokusho, Hiro): 48 stuks
Bewapening[bewerken]
1 x 7.7-mm MG snelvuurmachinegeweer (achteraan koepel voor achterste observeerder) Type 92 machinegeweer.
1 x 250 kg-bom of 4 x 60 kg-bommen of dieptebommen

 

E13A-3s.jpg

Rol Watervliegtuig, verkenner, bommenwerper
Bemanning 3
Varianten E13A1, E13A1-K, E13A1a, E13A1a-S, E13A1b, E13A1b-S, E13A1c
Status
Gebruik Japan
Afmetingen
Lengte 14,50 m
Hoogte 4,70 m
Spanwijdte 14,50 m
Vleugeloppervlak 36,0 m²
Gewicht
Leeggewicht 2642 kg
Startgewicht 3640 kg
Krachtbron
Motor(en) 1× Mitsubishi Kinsei 43 radiaalmoter
Vermogen 810 kW
Prestaties
Topsnelheid 375 km/u
Actieradius 2100 km
Dienstplafond 8700 m
Bewapening
Boordgeschut 1 × manoeuvreerbare, achterwaarts schietende 7.7 mm Type 92 machinegeweer voor de verkenner
Bommen 250 kg

De Aichi H9A

De Aichi H9A (Japans: 二式練習飛行艇, "Marine Type 2 Training Vliegboot") was een Japans vliegboot-bommenwerper in de Pacificoorlog tijdens de Tweede Wereldoorlog ontworpen en geproduceerd door Aichi. Ze stond ten dienste bij de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht. Ze werkten samen in de strijd tegen de geallieerden, met de grotere Kawanishi H6K en H8K-vliegboten. In tegenstelling tot de meeste van haar strijdmakkers, kon ze zowel op het water als op landingsbanen landen. De grote H8K kon alleen maar op zee landen, de H6K kon zowel in zee als op het land landen, net als haar geallieerde tegenhanger, de Consolidated PBY Catalina-vliegboot.
Ontwerp
De Aichifabrieken hadden kennis en goede reputatie verworven bij de Japanse keizerlijke marine, met hun series van menige motorvliegboten voor de oorlog. Deze machines waren van een algemene bestaande versie ontworpen, van vliegtuigen met duw-propellers, niettegenstaande werd er van koers veranderd, voor betere eigenschappen en een verbeterbare vooruitgang van model tot model. De eerste rol van dit type vliegtuig was observatie van vijandelijke schepen, waarbij ze konden worden gelanceerd vanaf Japanse kruisers en slagschepen. Zodoende ondersteunden zij de Japanse vloot en oppervlakte-nacht-acties. De eerste beperkte serieversies van deze Aichi E10A-1 "Hank" en E11A-1 "Laura" vertoonden sommige gebreken in het begin van de Tweede Wereldoorlog, waarna ze meer en meer in onbruik kwamen, omdat snellere vliegtuigen van de tweede serieversie konden ingezet worden in de oorlog.
In 1940 werkten een team, onder leiding van ingenieur Morishige Mori, aan een nieuw ontwerp van een vliegboot, de "Aichi H9A". Het voorstel van dit vliegtuigmodel was ongewoon, misschien uniek: ze was speciaal getekend en ontworpen tot een trainingsvliegtuig, in voorbereiding tot het vliegen van de veel grotere vliegboot, de H8K "Emily".
De Aichi H9A was één van de weinige, en mogelijk de enige vliegboot, die ontworpen werd voor de uitvoering als een oefen- en trainingsvliegtuig. Hiermee werd er geoefend met het opstijgen en landen op een landingsbaan en op het water. De eerste van de drie prototypes, formeerden haar herkenbare vlucht in september 1940. Proefnemingen toonden een aantal problemen aan tijdens deze vluchten, waarna de vereiste correcties en aanpassingen werden doorgevoerd. Na de kinderziektes weggewerkt te hebben, kwam het uiteindelijk tot goede en hoogst bevredigende resultaten, en werd ze voorgedragen voor de productie.
De Aichi H9A was een keurige, zuivere machine, soms ietwat lijkend van lijn op de Kawanishi H6K "Mavis", met een bootromp en een overspannen vleugel. Daaronder hingen aan beide vleugels drijfvlotters. Haar motoren waren twee Nakajima Kotobuki 41 stermotoren van 529 kW (710 HP) elk. Het vliegtuig had een tweevoudige controlepaneel, één voor de vluchtinstructeur en één voor de trainingspiloot, alsook de begeleidende vluchtingenieur, radio-operator, observeerder, en drie leerlingen, konden de instrumenten meevolgen. Het vliegtuig had een ingebouwde, een half intrekbare tandwieloverbrenging, maar niet voor landingen op de landingsbaan of startbaan.
Ze waren bewapend met beweegbare Type 92 7.7-mm mitrailleurs in de neus en achter aan het vliegtuig. De Aichi H9A kon twee 250 kg (550 pound) dieptebommen onder elke vleugel vervoeren. De wapens werden voor het eerst beproefd tijdens gewapende trainingen op doelen.
Ontwikkeling
Na de drie prototypes H9A Aichi's, bouwden ze vervolgens 24 H9A1 vliegtuigen, en samen met Nippon Hikoki nog eens vier andere, voor een totaal van 31 vliegboten. De Aichi H9A's werden ingezet vanaf het begin van de Pacific-oorlog tot het einde van de oorlog tegen geallieerde onderzeebootpatrouilles en vrachtverkeer. De geallieerden deden geen moeite dit toestel een code- of bijnaam te geven, sinds zij het type pas als apart toestel herkenden toen de bezetting van Japan bijna een feit was.

Aichi H9A Vliegboot
Eigenschappen[bewerken]
Bemanning: tot 8 man
Vleugelwijdte: 24,0 m
Vleugelomtrek: 63,30 m²
Lengte: 16,95 m
Hoogte: 5,25 m
Leeggewicht: 4900 kg
Volgewicht: 7500 kg
Motoren: 2 × Nakajima Kotobuki 41 stermotoren, 780 kW (580 pk) elk
Prestaties
Max. snelheid: 315 km/u
Kruissnelheid: 220 km/u
Hoogtebereik: 6780 m
Reikwijdte: 2150 km
Stijgsnelheid: 4,5 m/s

De Kawanishi E7K

De Kawanishi E7K (Japans: 九四式水上偵察機?) was een Japanse drie-zitter verkenningswatervliegtuig uit de jaren 30. De geallieerden gaven het codenaam "Alf". De E7K werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikt door de Keizerlijke Japanse Marine en vooral in de Pacifische Oorlog. De Kawanishi E7K had twee grote bijeenstaande drijvers waarmee het op water kon landen en opstijgen. Deze type watervliegtuigen hadden geen ondervleugelde drijvers zoals bij andere types watervliegtuigen. Vanaf een schip werd het met behulp van een katapult gelanceerd.

Ontwerp en ontwikkeling
In 1932 verzocht de Keizerlijke Japanse Marine de Kawanishi Aicraft Company de productie van de "Kawanishi E5K" op zich te nemen. Dit evolueerde in de Kawanishi E7K1, een dubbeldeks ontwerp, voorzien van een 620 pk (462 kW)-krachtbron, de Hiro Type 91 W-motor. Dit werd gedaan onder leiding van Eiji Sekiguchi, die met een ontwerp kwam van een Kawanishi Model J, een vliegtuig van gemengde constructie, een bemanning van drie en op twee drijvers.

Het eerste watervliegtuig steeg op voor een proefvlucht op 6 februari 1933 en werd daarna overgedragen aan de Japanse Marine voor eigen militaire proefvluchten, drie maanden later. Eerst had het watervliegtuig een tweebladige houten propeller. Later kreeg het toestel een vierbladige propeller. Een concurrerend vliegtuig werd gemaakt door de Aichi Maatschappij, de AB-6, gemaakt onder dezelfde voorwaarden.

De E7K1 werd besteld als de Navy Type 94 Verkenningswatervliegtuig en werd uiteindelijk in dienst genomen in het begin van 1935. Ze kreeg een reputatie als een bij de piloten geliefd watervliegtuig. Er waren echter wel problemen door de onbetrouwbaarheid van de Hiro motor. Latere producties van de E7K1 werden aangepast met krachtiger versies van de Hiro 1-motor, maar dit bracht geen verbetering in de betrouwbaarheid. In 1938 introduceerde Kawanishi een verbeterde E7K2-versie met de Mitsubishi Zuisea 11 radiaalmotor. Met een eerste proefvlucht in augustus 1938 werd ze daarna goedgekeurd en besteld door de Marine als het Navy Type 94 Verkenningswatervliegtuig Model 2. De E7K1 werd herdoopt tot de Navy Type 94 Verkenningwatervliegtuig Model 1.

Operationele geschiedenis
Het type werd uitvoerig gebruikt door de Japanse Marine vanaf 1938 tot de aanvang van de Pacifische Oorlog, wanneer de E7K1 werd opzijgeschoven voor tweederangs taken. De E7K2 daarentegen, vloog voortdurend in de frontlinie, tot begin 1943. Nadien werden ze gebruikt voor verkenningsvluchten, konvooidiensten en anti-onderzeebootdiensten. Na 1943 verdween de E7K2 naar een tweederangs diensttaak en als verbindingstoestel. Beide versies werden uiteindelijk gebruikt in kamikaze-operaties, op het eind van de oorlog in de Stille Oceaan.

Varianten
E7K1 - Productieversie met de Hiro Type 94-motor, waarvan 183 gebouwd werden (inbegrepen 57 gebouwd door Nippon Hikoki K.K.)
E7K2 - Herbouwde en verbeterde motorenversies met de Mitsubishi Zuisea 11-radiaalmotoren, waarvan ongeveer 350 ervan werden gebouwd (inbegrepen 60 gebouwd door Nippon Hikoki K.K.)

Bemanning: 3 man (piloot - navigator - boordschutter/bommenwerper)
Lengte: 10,50 m (10,41 m E7K1)
Hoogte: 4,85 m (4;81 m E7K1)
Spanwijdte: 14 m
Vleugeloppervlakte: 43,60 m²
Leeg gewicht: 2.100 kg (1.970 kg E7K1)
Maximaal gewicht: 3.300 kg (3.000 kg E7K1) (beladen)
Krachtbron: 1 x Mitsubishi Zuisea 11 radiaal piston - 870 pk (649 kW)
Maximumsnelheid: 275 km/u
Kruissnelheid: 239 km/u
Vliegbereikhoogte: 7.060 m
Reikwijdte: 2.200 km
Bewapening[bewerken]
1 x vaste in de neus en 2 x beweegbare 7.7-mm Type 92 mitrailleurs - één in de achterste cockpit en één door de buik naar beneden vurend.
120 kg aan bommen (4 x 30 kg of 2 x 60 kg bommen)

De Kawanishi H6K

De Kawanishi H6K (Japans: 九七式大型飛行艇, "Marine Type 97 Grote Vliegboot") was een patrouille-vliegboot-bommenwerper van de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht tijdens de oorlog in de Stille Oceaan, en tijdens de Tweede Wereldoorlog. De geallieerden noemden deze type vliegboot, "Mavis" (Japanse bommenwerpers en watervliegtuigen kregen vrouwen namen, Jagers mannen namen). De werkelijke Japanse benaming was "Marine Type 97 Grote Vliegboot" (九七式大型飛行艇). Dit viermotorige type vliegboot was dit dan ook wel degelijk.


Geschiedenis
Het vliegtuig werd ontworpen in aan de hand van een specificatie van de Japanse Keizerlijke Marine uit 1934 en er werd gebruikgemaakt van kennis die het Kawanishi team had opgedaan doordat het de Short Brothers fabriek had bezocht in Groot-Brittannië. Die hadden in die periode de leiding in de wereld voor het produceren van vliegboten. Maar het toestel vertoonde ook veel overeenkomst met de op dat ogenblik gangbare Franse en Amerikaanse ontwerpen. Het Type S, zoals het door Kawanishi werd genoemd, was een groot en omvangrijk, vier motorig vliegtuig met tweelingstaart en een vleugelophanging net zoals de geallieerde Consolidated PBY Catalina's, met een netwerk van vleugelstutten en drijfvlotters aan beide vleugeluiteinden. Onderaan het vliegtuig was een "bootvorm" voorzien voor het landen in zee. De H6K "Mavis" kon echter ook op landingsbanen landen met behulp van in- en uitklapbare wielen. Tijdens het landen op het water waren deze wielen ingeklapt. De 40 meter brede vleugels waren boven de romp geconstrueerd.

Vier prototype's werden geconstrueerd, eerst voor het maken van proeven voor de handeling op het water en in de lucht, en ten slotte met meer passende krachtigere motoren. De eerste proefvlucht werd gehouden op 14 juli 1936 en ze werd bij de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht ingeschreven als Marine Type 97 Grote Vliegboot, en kreeg later de code aanduiding H6K. Er werden uiteindelijk 215 van gebouwd.

Tweede Wereldoorlog
De H6K werd gebruikt vanaf 1938, eerst in de Tweede Chinees-Japanse Oorlog en later tijdens de Tweede Wereldoorlog over de Grote Oceaan. Ze had een uitstekend vliegbereik en was in staat tot de onderneming van een 24-uren-durende patrouillevlucht. Ze werd gebruikt voor langeafstandsvluchten vanuit Rabaul en Nederlands Oost-Indië en konden zo grote delen van Australië bereiken.

Het vliegtuig weerstond aanvankelijk de kogelinslagen van de lichte mitrailleurs van jagers uit het begin van de oorlog, maar toen de nieuwere generaties van jachtvliegtuigen er aankwamen was ze te kwetsbaar en ook te traag voor de geallieerde jachtvliegtuigen. Ze bleef echter in dienst in gebieden waar het risico van vijandelijke onderschepping laag was. Daar werd ze gebruikt voor verkennings-, vracht- en verbindingsvluchten. In de frontlijndienst werd ze vervangen door de Kawanishi H8K. Soms werd de "Mavis" toch ingezet tegen zwakkere doelen, zoals vijandelijke vrachtschepen of minder bewapende landinstallaties.

Na de oorlog
Sommigen van hen bleven nog vliegen in Indonesië na de Tweede Wereldoorlog, maar niet meer vandaag de dag. Ze waren gevorderd als oorlogsschatting en om het herstel van de eilandverbindingen te verwezenlijken.

KawanishiH6K.jpg

Rol Patrouille Vliegboot
Bemanning 9
Status
Gebruik Japan (1938)
Afmetingen
Lengte 25,63 m
Hoogte 6,27 m
Spanwijdte 40 m
Vleugeloppervlak 170 m²
Gewicht
Leeggewicht 11.707 kg
Startgewicht 17.000 kg
Krachtbron
Motor(en) 4x Mitsubishi Kinsei 43 stermotoren met 1000 pk elk
Prestaties
Topsnelheid 331 km/h
Actieradius 6.580 km
Dienstplafond 9.610 m
Bewapening
Boordgeschut 1x 7.7-mm Type 97 snelvuurkanon in neus; 1x Type 97 snelvuurkanon op vliegtuigrug; 2x Type 97 snelvuurkanonnen in het middengedeelte; 1x 20-mm Type 99 kanon in de staarttoren
Bommen 2 x 800 kg torpedo's of 1.000 kg bommen

Varianten
H6K1: Ontwikkeling van de prototypes met (aanvankelijk) vier Hikari 2-motoren (4 gebouwd).
H6K1 Marine Vliegboot Type 97 Model 1: Prototypes met 1.000 pk Mitsubishi Kinsei 43-motoren (3 gebouwd).
H6K2 Model 11: Eerste productiemodel. Inbegrepen twee H6K2-L voor officieren- en ambtenaren-transportmogelijkheden (10 gebouwd).
H6K2-L Marine Transport Vliegboot Type 97: Onbewapend transportversies van de HK2, met Mitsubishi Kinsei 43-motoren (16 gebouwd).
H6K3 Model 21: Gewijzigde transportversies van H6K2 voor VIP's en hoge rangofficieren (2 gebouwd).
H6K4 Model 22: Grotere produktieversies, gewijzigde H6K2 met herbewapening, sommigen met 930 pk Mitsubishi Kinsei 46-motoren, met brandstoftanks van 1.708 liter tot 2.950 liter inhoud. Inbegrepen twee H6K4-L transport versies (10 gebouwd).
H6K4-L: Transportversies van H6K4, gelijkend op de H6K2-L, maar met Mitsubishi Kinsei 46-motoren, inbegrepen twee betaalbare versies van H6K4 (20 gebouwd).
H6K5 Model 23: Aangepast met een 1.300 pk Mitsubishi Kinsei 51- of 53-motoren en een nieuwe boventoren verplaatst in de open positie (36 gebouwd).
H6K totale productie (alle versies): 215 stuks.
Vergelijkbare vliegtuigen
Dornier Do 24
Consolidated PBY Catalina
Volgorde aanduiding ontworpen modellen
H3K - H4H - H5Y - H6K - H7Y - H8K - H9A

H6K in Soerabaja.jpg

De Kawanishi N1K-J Shiden

De Kawanishi N1K-J Shiden (Violette bliksem) was een jachtvliegtuig dat dienstdeed bij de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. De geallieerden gaven het toestel de bijnaam George. Het originele ontwerp, de N1K Kyōfū (Sterke wind), was oorspronkelijk een watervliegtuig. Het doel was luchtsteun te verschaffen aan voorposten die niet beschikten over landingsbanen. Maar tegen de tijd dat het toestel in dienst kwam was Japan al dusdanig in het defensief gedrongen dat er geen behoefte meer aan was. Door de zware drijvers bleek het toestel bovendien een gemakkelijk doelwit voor Amerikaanse piloten.

Versies
N1K-J
De ingenieurs van Kawanishi ontwierpen een versie zonder drijvers en dit prototype maakte op 27 december 1942 zijn eerste proefvlucht. Deze uitvoering beschikte over automatische welvingskleppen, hetgeen de kans op overtrekken tijdens luchtgevechten aanzienlijk reduceerde. Daar stond tegenover dat de (weliswaar krachtige) motor haastig in productie was genomen voordat alle kinderziektes eruit waren gehaald; dit resulteerde in een onbetrouwbare motor.

Dit gevechtstoestel werd door beide kampen beschouwd als een van de beste Japanse jagers. Het stond qua gevechtsprestaties op gelijke voet met de Hellcat. Het was, zoals gebruikelijk bij toenmalige Japanse jagers, zeer wendbaar, beschikte over een zware bewapening en kon daarnaast veel schade incasseren (wat bij andere Japanse jagers bepaald niet het geval was). Bovendien was het beter opgewassen tegen de Corsair en Mustang dan de beruchte Zero, die iets langzamer was. Indien gevlogen door de beste Japanse piloten, bleek het zelfs voor zowel Corsair- als Mustangpiloten levensgevaarlijk om een één-op-één luchtgevecht met een George aan te gaan.

N1K2-J
Vier dagen na de eerste proefvlucht startte men het ontwerp van de N1K2-J. Doel was de tekortkomingen van de N1K-J te verbeteren. Dit prototype maakte zijn eerste proefvlucht op 1 januari 1944. In vergelijking met de N1K-J had dit type een korter landingsgestel, een langere romp, aanzienlijk minder onderdelen (van gemakkelijker verkrijgbare grondstoffen) en men slaagde erin om het toestel 250 kg lichter te maken. Maar de problemen met de onbetrouwbare motor bleven grotendeels onopgelost. Als interceptor tegen bommenwerpers voldeed deze daarom niet. Zowel de stijgsnelheid als de teleurstellende prestaties van de motor op grote hoogte waren daarvoor onvoldoende. Dit toestel kreeg de aanduiding Shiden-Kai ("Kai" betekent "verbeterd").

Door problemen met de productie, niet in het minst doordat fabrieken werden gebombardeerd door B-29's, werden slechts 415 Shiden-Kais geproduceerd. Zij konden de nederlaag van Japan daarom niet voorkomen.

Kawanishi N1K2-J 050317-F-1234P-015.jpg

Jachtvliegtuig
Bemanning 1
Status
Aantal gebouwd 1435
Gebruik Japan (1943-1945)
Afmetingen
Lengte 9,90 m
Hoogte 4,10 m
Spanwijdte 12,00 m
Vleugeloppervlak 23,50 m²
Gewicht
Leeggewicht 2900 kg
Startgewicht max 3900 kg
Krachtbron
Motor(en) 1× Nakajima NK9H Homare 21 radiaalmotor
Vermogen 1464 kW
Prestaties
Topsnelheid 595 km/u op 5600 m
Klimsnelheid 12,7 m/s
Actieradius 395 km
Dienstplafond 12.500 m
Bewapening
Boordgeschut 4x 20mm boordkanonnen
Bommen max 500kg

De Mitsubishi A6M Zero

De Mitsubishi A6M Zero (Japans: 零式艦上戦闘機, rei-shiki-kanjō-sentōki?), geallieerde codenaam Zeke, was een jachtvliegtuig van de Japanse Keizerlijke Marine tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Zero's, gestationeerd op Japanse vliegdekschepen en op het land, waren geduchte tegenstanders voor de Amerikaanse piloten, geallieerde schepen en landdoelen in de Stille Oceaan.

Zero's tactische voor- en nadelen
De Mitsubishi A6M Zero kwam voor de geallieerden als een volkomen verrassing. Terwijl zij overtuigd waren dat Japanse vliegtuigen slechts minderwaardige imitaties van hun westerse tegenhangers waren, werden ze eensklaps geconfronteerd met een superieur jachtvliegtuig, dat hen op bijna alle vlakken overtrof. De Japanners vonden namelijk twee vliegeigenschappen van zeer groot belang: snelheid en wendbaarheid. Pas daarna keek men naar vuurkracht en bepantsering. Tijdens confrontaties met zijn Amerikaanse tegenhangers bleek de Zero daarom snel, uiterst wendbaar met een groot klimvermogen en bovendien beschikkend over een grote actieradius en een zware bewapening (machinegeweren én boordkanonnen, daarnaast tot 200 kg aan bommen). In het begin van de strijd in de Stille Oceaan en in Zuidwest-Azië beheerste de Zero het luchtruim.

In de aanloop tot de slag bij Midway slaagden de Amerikanen er in een neergeschoten Zero voor de neus van een Japanse duikboot te bergen. Een technische analyse bracht zijn zwakke punten aan het licht en geallieerde piloten leerden al spoedig om die uit te buiten. Die twee gebreken waren: onvoldoende bepantsering om de piloot en de brandstof te beschermen en een tamelijk lichte constructie, wat betekende dat de Zero weinig gevechtsschade kon doorstaan en snel in brand vloog.

Tijdens luchtgevechten moesten de Grumman F4F Wildcats zorgen geen Zero achter zich te krijgen. De Grumman Wildcats waren minder wendbaar, maar de piloot was beter beschermd tegen kogels. Menige Wildcat kon gehavend en doorzeefd landen, omdat ze een sterkere constructie dan de Zero's hadden.

Acties tijdens de Tweede Wereldoorlog

Met hun 130 kg-bommen konden deze Zero's oorlogsschepen en vooral vliegdekschepen zwaar beschadigen. Zo werden de slagschepen HMS Repulse en HMS Prince of Wales (1939) mede door hen vernietigd ten oosten van het schiereiland Malakka. In de latere zeeslagen waren ze mede van de partij, samen met de Aichi D3A1 "Val" en de Nakajima B5N2 "Kate" bommenwerpers en torpedobommenwerpers. Maar hun eerste oorlogsaanval deden ze samen op Pearl Harbor.

Deze groep viel gezamenlijk op 7 december 1941 de oorlogshaven van Pearl Harbor aan, alsmede de vliegvelden op Ford Island, Wheeler, Kaneohe en Hickham en de militaire installaties. Vele Amerikaanse slagschepen vielen onder hun bommen, zoals o.a. de USS Arizona (BB-39), USS Tennessee (BB-43), USS Oklahoma (BB-37), USS West Virginia (BB-48), USS Nevada (BB-36), USS California (BB-44), USS Utah (AG-16), USS Maryland (BB-46), USS Pennsylvania (BB-38) en de kleinere oorlogsbodems zoals de lichte kruiser USS Helena, de torpedobootjager USS Shaw, die totaal explodeerde, de mijnenlegger USS Oglala die kapseisde, en vele andere schepen, die ten slachtoffer vielen van deze Zero's.

Mitsubishi-zero-replica-l.jpg

Jachtvliegtuig
Bemanning 1
Varianten A6M1,A6M2 11,A6M2 21,A6M3 32, A6M3 22, A6M4, A6M5 52, A6M6c, A6M7 63,A6M8
Status
Gebruik Japan (1940-1945)
Afmetingen
Lengte 9,06 m
Hoogte 3,05 m
Spanwijdte 12,0 m
Vleugeloppervlak 22,44 m²
Gewicht
Leeggewicht 1680 kg
Startgewicht 2410 kg
Krachtbron
Motor(en) 1× Nakajima Sakae 12 radiaalmotor
Vermogen 709 kW
Prestaties
Topsnelheid 533 km/u, nooit boven 660 km/u
Klimsnelheid 15,7 m/s
Actieradius 3105 km
Dienstplafond 10000 m
Bewapening
Boordgeschut 2×7,7 mm mitrailleurs, 2× 20 mm kanonnen in de vleugels
Bommen 2×30 kg en 1× 60 kg bommen of 2× vaste 250 kg bommen voor kamikaze-aanvallen

De Mitsubishi G4M
 

De Mitsubishi G4M (Japans: 一式陸上攻撃機, 一式陸攻, Isshiki rikujō kōgeki ki, Isshikirikkō) (geallieerde codenaam Betty), was een Japanse bommenwerper uit de Tweede Wereldoorlog. Gedurende de oorlog werd het de belangrijkste bommenwerper van de Japanse marine en later in de oorlog werd het toestel ook gebruikt om kamikazeaanvallen uit te voeren.

Ontwikkeling
Het toestel was ontworpen op basis van een uiterst nauwkeurige, van 1937 daterende specificatie voor een vanaf het vasteland opererende bommenwerper die met een volledige bommenlast een afstand van 3700 km moest kunnen afleggen. Om aan deze eisen te voldoen, werd bespaard op de defensieve bewapening en de bepantsering voor de bemanning. Ook de in de vleugels aangebrachte brandstoftanks waren ongepantserd en niet zelfdichtend. Het prototype maakte zijn eerste vlucht op 23 oktober 1939. Omdat het ontwerp goed was, verliep het testprogramma vlot en kon de productie eind 1940 van start gaan. In de zomer van 1941 werd het toestel (onder de aanduiding Marinetype 1 Aanvalsbommenwerper Model 11) door gevechtseenheden in gebruik genomen. De volgende productieversie, de G4M1 Model 12, was voorzien van Kasei 15 motoren die op grotere hoogten betere prestaties leverden. Eind 1942 kwam de verbeterde GM42 Model 22, met nieuwe vleugels, een nieuwe staart en 1800 pk sterke Mitsubishi Kasei 21 motoren.
Operaties en gebruik
De bekendste actie van het toestel vond plaats op 10 december 1941, drie dagen na Pearl Harbor. G4M's en G3M's van de 22e luchtvloot brachten toen voor de kust van Malakka de Britse oorlogsbodem HMS Prince of Wales en Repulse tot zinken. Het waren de eerste slagschepen die op open zee vanuit de lucht tot zinken werden gebracht. In maart 1942 voerden G4M's bombardementen op de haven van Darwin in Noord-Australië uit.
Een aantal vroegere modellen kreeg de aanduiding G4M2e Model 24J nadat ze waren omgebouwd voor het vervoer van het MXY-7 Okha bemande kamikazetoestel. Door de sterke gewichtstoename waren de Mitsubishi's met deze kamikazewapens erg traag. De eerste gevechtsmissie op 21 maart 1945 verliep dan ook rampzalig. De meeste G4M's werden door van vliegdekschepen afkomstige geallieerde toestellen neergehaald voordat ze de aanval hadden kunnen inzetten.
Toen de geallieerden steeds verder naar Japan oprukten, werd het vliegbereik minder belangrijk. De G4M3 Model 34, die begin 1944 voor het eerst vloog, kreeg dan ook zelfdichtende brandstoftanks en een adequate bepantsering voor de bemanning.
In augustus 1942 voerden in Rabaul gestationeerde G4M's de eerste tegenaanvallen uit op de Amerikaanse troepen in Guadalcanal (eiland). Van de 26 deelnemende toestellen werden er 17 neergeschoten. Een door de luchtafweer aangeschoten Mitsubishi voerde een kamikazeaanval op het transportschip George F. Elliot uit. De G4M's leden tijdens de zes maanden durende slag om Guadalcanal voortdurend zware verliezen.
Begin 1943 had de Japanse marine nieuwe tactieken ontwikkeld om het toestel torpedoaanvallen te laten uitvoeren. In de nacht van 29 op 30 januari 1943, tijdens de slag om het eiland Rennell, brachten G4M's de kruiser USS Chicago (CA-29) tot zinken. Op 17 februari 1944 werd het vliegdekschip Intrepid door G4M's aangevallen. Op 19 augustus 1945 vervoerden twee G4M's de leden van de Japanse delegatie die over de definitieve capitulatievoorwaarden moest onderhandelen.
Mitsubishi bouwde in totaal 2416 G4M's. Daarbij zijn de prototypes inbegrepen, alsmede 30 G6M1 escortejagers met tienkoppige bemanning en een bewapening van negentien mitrailleurs.

Mitsubishi G4M Betty.jpg

Rol Bommenwerper
Bemanning 7
Status
Eerste vlucht 23 oktober 1939
Gebruik Japan (1944-1945)
Afmetingen
Lengte 19,5 m
Hoogte 6 m
Spanwijdte 24,89 m
Vleugeloppervlak 78,13 m²
Gewicht
Leeggewicht 8350 kg
Startgewicht 12.500 kg
Krachtbron
Motor(en) 2x Mitsubishi MK4T Kasei 25 radiale motoren met een vermogen van 1825 pk
Prestaties
Kruissnelheid 314 km/u
Topsnelheid 470 km/u
Actieradius 4335 km
Dienstplafond 9220 m
Bewapening
Boordgeschut 2x 7,7 mm Type 92 mitrailleur in de neus, 2x 20 mm Type 99 kanonnen aan de zijkant, 1x 20 mm Type 99 kanon in de rugkoepel, 1x 20 mm Type 99 kanon in de staart
Bommen Bommenlast van 1000 kg of 1x 800 kg torpedo

Specificaties
Hieronder enkele specificaties van de G4M, uitgezonderd de G4M3-versie.
Mitsubishi G4M1
Taak: Bommenwerper
Bemanning: 7
Spanwijdte: 24,89 m
Vleugeloppervlak: 78,13 m2
Lengte: 19,50 m
Hoogte: 6,00 m
Leeggewicht: 6741 kg
Max. Gewicht: 9500 kg
Max. snelheid: 428 km/h
Kruissnelheid: 314 km/h
Plafond: 9144 m
Bereik: 5240 km
Motor: 2x Mitsubishi MK4E Kasai 15 motoren met een vermogen van 1530 pk
Bewapening: 1x 7,7 mm Type 92 mitrailleur in de neus, 1x 7,7 mm Type 92 mitrailleur in een rugluik, 2x 7,7 mm Type 92 mitrailleurs aan de zijkant, 1x 20 mm Type 99 model 1 kanon in de staart
Bommen: 1000 kg bommenlast of 1 x 800 kg torpedo
Productie: 1230 stuks
Mitsubishi G4M2
Taak: Bommenwerper
Bemanning: 7
Spanwijdte: 24,89 m
Vleugeloppervlak: 78,13 m2
Lengte: 19,50 m
Hoogte: 6,00 m
Leeggewicht: 7994 kg
Max. Gewicht: 12.500 kg
Max. snelheid: 437 km/h
Kruissnelheid: 314 km/h
Plafond: 8950 m
Bereik: 5262 km
Motor: 2x Mitsubishi MK4P Kasai 21 motoren met een vermogen van 1800 pk
Bewapening: 2 x 7,7 mm Type 92 mitrailleur in de neus, 2 x 7,7 mm Type 92 mitrailleurs aan de zijkant, 1 x 20 mm kanon in de rugkoepel, 1 x 20 mm kanon in de staart en 1000 kg bomlast of één 800 kg torpedo
Bommen: 1000 kg bommenlast of 1x 800 kg torpedo
Productie: 1154 stuks
Mitsubishi G6M1[bewerken]
Taak: Escortebommenwerper
Bemanning: 7
Afmetingen: Dezelfde als G4M1
Gewicht: Dezelfde als G4M1
Prestaties: Dezelfde als G4M1
Motor: 2x Mitsubishi MK4E Kasai 15 motoren met een vermogen van 1530 pk
Bewapening: 1x 7,7 mm Type 92 mitrailleur in de neus en 4 x 20 mm Type 99 model 1 kanonnen in opstellingen aan de zijkant, in de staart en de buik
Productie: 30 stuks

De Nakajima B5N

De Nakajima B5N ( Japans : 中 島 B5N , Geallieerde rapportage naam " Kate ") was de standaard drager torpedo bomber van de Imperial Japanese Navy (IJN) voor veel van de Tweede Wereldoorlog.
Hoewel de B5N aanzienlijk sneller en beter was dan zijn geallieerde tegenhangers, de TBD Devastator , Fairey Swordfish en Fairey Albacore , was het in 1941 verouderd. De B5N was echter door de hele oorlog door de vertraagde ontwikkeling van zijn opvolger, De B6N . In het vroege deel van de Stille Oceaanoorlog, die door goed opgeleide IJN-vliegtuigen werd gevlogen en als onderdeel van goed gecoördineerde aanvallen, behaalde de B5N bepaalde succes bij de strijd van Pearl Harbor , Coral Sea , Midway en Santa Cruz Islands .
Voornamelijk een carrier -based vliegtuig, werd het ook af en toe gebruikt als landbasisbomber. De B5N droeg een bemanning van drie: piloot, navigator / bombardier / waarnemer en radiooperator / schutter.
Ontwerp en ontwikkeling 
De B5N is ontworpen door een team onder leiding van Katsuji Nakamura in reactie op een 1935 specificatie door de Marine voor een torpedobomber om de Yokosuka B4Y te vervangen . Intern aangewezen Type K door Nakajima, heeft het met succes met de Mitsubishi B5M voor een productiecontract georganiseerd. Het eerste prototype vloog in januari 1937 en werd kort daarna in productie gebracht met de volledige aanduiding Type 97 Carrier Attack Bomber ( kyū-nana-shiki kanjō kōgeki-ki of kankō voor kort九七 式 艦上 撃 撃 機).
Operationele geschiedenis 
De B5N zag snel gevecht, eerst in de Sino-Japanse Oorlog , waar gevechtservaring enkele zwakke punten in het originele B5N1- productiemodel aantoonde. Deze waren voornamelijk bezorgd over het gebrek aan bescherming dat het ontwerp haar bemanning en zijn brandstoftanks biedt. Gewoon om de hoge prestaties van het type te behouden, was de Marine onwillig om gewicht in de vorm van pantser toe te voegen, en in plaats daarvan keek hij naar een snellere versie van het vliegtuig in de hoop op het overwinnen van vijandelijke vechters . De B5N2 kreeg een veel krachtiger motor - Nakajima's eigen Sakae Model 11, 14-cilinder dubbele rij radiaal, zoals gebruikt in de initiële modellen van de Mitsubishi A6M- vechter - en diverse modificaties werden gemaakt om het te stroomlijnen. Hoewel de prestaties slechts marginaal beter waren en de zwakke punten bleven niet opgelost, vervangde deze versie de B5N1 in productie en service vanaf 1939.
Het was deze versie die door de Marine gebruikt zou worden in de Attack on Pearl Harbor . De B5N2 Kate droeg Mitsuo Fuchida , de bevelhebber van de aanval op Pearl Harbor, met een van de drager Hiryu die gecrediteerd was met het zinken van het slagschip Arizona . Vijf torpedo-bommenwerpers werden neergeschoten in de eerste golf. Afgezien van deze raid waren de grootste successen van de B5N2 de belangrijkste rollen die het speelde bij het zinken van de Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen Lexington en Hornet , en de uitschakeling van de Yorktown , die tot het zinken van de Japanse duikboot I-168 leidde.
De B5N diende als basis voor een vervolgontwerp , de B6N , die het uiteindelijk in frontlinks vervangde. De B5N bleef in secundaire rollen vliegen, zoals training , doelen en anti-onderzeese oorlogvoering . Sommige van het vliegtuig dat voor dit laatste doel werd gebruikt, waren uitgerust met vroege radars en magnetische anomaliedetectoren . B5Ns werden ook in oktober 1944 als bommenwerpers gebruikt tijdens de mislukte verdediging van de Filippijnen , met ernstige verliezen. Later in de oorlog werden ze ook gebruikt voor kamikaze aanvallen.
Varianten 
Type K : Prototype.
B5N1 : Eerste productie model.
B5N1-K : Veel B5N1's werden omgezet naar geavanceerde trainingsvliegtuigen.
B5N2 : verbeterde versie.
Operator
Japan
Keizer Japanse Marine
Overlevende vliegtuigen 
In totaal werden ongeveer 1.150 productie voorbeelden gebouwd; Echter geen enkel compleet voorbeeld is overleefd van de Tweede Wereldoorlog.
Replica's van de B5N2s werden gemaakt met behulp van gestrekte rompjes van Amerikaanse Noord- Amerikaanse T-6 Texan- trainers, en Aichi D3A duikbommenwerpers werden gemaakt met behulp van BT-13 Valiant training vliegtuigen, die werden aangepast om Japanse vliegtuigen voor de film Tora te vertegenwoordigen ! Tora! Tora! , En zijn gebruikt in een aantal films en airshows sinds het vliegtuig afbeelden.
Een herstelde B5N2 is in het Wings museum in Balcombe, West Sussex, Verenigd Koninkrijk; Dit grote gedeelte werd in 2003 door een Britse particuliere verzamelaar van de Kuril-eilanden hersteld.
Luchtwaardige B5N2 Kate replica gemaakt van een T-6 Texan romp en BT-13 vin
Op 18 april 2016 werd een B5N onthuld bij het Pacific Aviation Museum in Honolulu, Hawaii .

File:B5N Type 97 Carrier Attack Bomber Kate B5N-33.jpg

Bemanning : 3 (1 piloot, 1 commandant en 1 backgunner / radio-operator)
Lengte: 10.30 m (33 ft 9½ in)
Wingspan : 15,52 m (50 ft 11 in)
Hoogte: 3,70 m (12 ft 1 inch)
Wing gebied: 37,7 m² (406 ft²)
Leeg gewicht : 2.279 kg (5.024 lb)
Gewicht in gewicht: 3.800 kg (8.380 lb)
Max. Afname gewicht : 4.100 kg (9.040 lb)
Powerplant : 1 × Nakajima Sakae 11 radiale motor , 750 kW (1000 pk)
Prestatie

Maximale snelheid : 378 km / u (204 kn, 235 mph)
Bereik : 1.992 km (1.075 NM , 1.237 mi)
Serviceplafond : 8,260 m (27,100 ft)
Klimtoestand : 6,5 m / s (1,283 ft / min)
Wing loading : 101 kg / m² (21 lb / ft²)
Vermogen / massa : 0,20 kW / kg (0,12 pk / lb)
bewapening 

Pistolen: 1 × 7,7 mm Type 92 machinegeweer 'Ru' (Lewis) in achterste rugpositie, gevoed door handbelaste drumtijdschriften van 97 rondes. Een aantal B5N1's waren uitgerust met 2 × 7,7 Type 97 machine geweren in de vleugels.
Bommen: 1 x 800 kg (1.760 lb) type 91 torpedo of 1x 800 kg (1,760 lb) bom of 2 × 250 kg (550 lb) bommen of 6 × 132 kg bommen

De Nakajima Ki-43

De Nakajima Ki-43 (Japans: 一式戦闘機「隼」, Ichi-shiki sentōki "Hayabusa", "Jachtvliegtuig Type 1‚ Slechtvalk") was een eenmotorig jachtvliegtuig ontwikkeld en gebruikt door de Luchtmacht van het Japanse Keizerlijke Leger tijdens de Tweede Wereldoorlog. De fabrikant was Nakajima Hikōki (Engels: Nakajima Aircraft Factory).
De officiële codenaam van dit type vliegtuig was Hayabusa met de geallieerde codenaam Oscar. Het toestel werd het door de geallieerden echter vaak Army Zero genoemd wegens de gelijkenis met de Mitsubishi A6M Zero. De Zero vloog echter voor de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht, terwijl de Ki-43 voor en door de Japanse luchtmacht gevlogen werd. Tussen 1942 en 1945 werden er 5919 toestellen geproduceerd.
Het toestel verkreeg de reputatie dat het uiterst wendbaar en daarom een uiterst lastige tegenstander was, maar zowel bepantsering als bewapening bleven in vergelijking met zijn geallieerde tegenhangers onder de maat.
Varianten
Ki-43 (Hayabusa) - Operationele prototypes.
Ki-43-Ia - Uitgerust met 2 x 7,7 mm (.303 in) Type 97 machinegeweren.
Ki-43-Ib - Uitgerust met 1 x 12,7 mm (.50 in) Ho-103 machinegeweer en 1 x 7,7 mm (.303 in) Type 97 machinegeweer.
Ki-43-Ic - Uitgerust met 2 x 12,7 mm (.50 in) Ho-103 machinegeweren.
Ki-43-II (Oscar) - Operationele prototypes.
Ki-43-IIa - Uitgerust met maximaal 500 kg (1100 lb) aan bommen.
Ki-43-IIb - Uitgerust met radio apparatuur.
Ki-43-II-KAI - Uitgerust met ejectoruitlaten.
Ki-43-III - Uitgerust met Nakajima Ha-115-II 920 kW motor (1230 pk) en 2 x 170 liter tanks.
Ki-43-IIIa - Een serie model.
Ki-43-IIIb - Uitgerust met 20mm kanonnen.
Ki-62 Project - Nieuwe Ki-43 variant met extra krachtige motor en 30 mm (1.18 in) of 40 mm (1.57 in) kanonnen.
Museumexemplaren
Hedendaags is er nog maar één luchtwaardige Oscar (Ki-43-II) op de wereld. Deze staat in het Tillamook Air Museum. Verder zijn er nog enkele toestellen die potentieel luchtwaardig zijn:

Ki-43 - is eigendom van The Fighter Collection uit Duxford.
Ki-43 - staat in het Pima Air and Space Museum.
Ki-43-Ib (Serienummer: N750N) - eigendom van Paul Allen die de Flying Heritage Collection beheerd in Arlington. Is gerestaureerd en luchtwaardig.
Ki-43-IIb - staat in het Museum of Flight in Seattle.
Ki-43-IIb - staat in het Pima Air Museum and Space Museum in Hangar 4.
Ki-43-IIIb - vier toestellen klaar voor restauratie staan in de Texas Airplane Factory.
Ki-43-IIIb - staat in het Tillamook Air Museum in Oregon.

Nakajima Ki-43-IIa.jpg

chtvliegtuig
Bemanning 1
Status
Gebruik Japan, Manchukuo, Thailand, China, Frankrijk, Indonesië, Noord-Korea
Afmetingen
Lengte 8,92 m
Hoogte 3,27 m
Spanwijdte 10,84 m
Vleugeloppervlak 21,4 m²
Gewicht
Leeggewicht 1910 kg
Startgewicht 2590 kg
Max. gewicht 2925 kg
Krachtbron
Motor(en) 1x Nakajima Ha-115 veertien cilinder luchtgekoelde radiale motor, 858 kW (1150 pk)
Prestaties
Topsnelheid 530 km/u
Klimsnelheid 15,67 m/s
Actieradius 1760 km
Dienstplafond 11200 m
Bewapening
Boordgeschut 2x 12,7mm (.50 inch) Ho-103 machinegeweren
Bommen 2x 250 kg (551 lb

De Nakajima Kikka

De Nakajima Kikka (Japans: 中島 橘花, "Oranje Bloesem") was het eerste Japanse jachtvliegtuig met een straalmotor. Het werd pas laat in de Tweede Wereldoorlog ontwikkeld en het enige prototype heeft slechts een vlucht gemaakt. De fabrikant was Nakajima Hikōki. Een toestel is behouden en maakt nu onderdeel uit van de collectie van het National Air and Space Museum.

De ontwikkeling van het vliegtuig was een gevolg van een Japanse militair attaché in Duitsland. Hij was aanwezig bij een testvlucht van de Messerschmitt Me 262 in 1944. Hij rapporteerde hierover en in september 1944 gaf de Japanse Keizerlijke Marineluchtmacht de opdracht aan Nakajima om een vergelijkbaar vliegtuig te maken.

De ontwikkeling van de straalmotoren leidde tot veel problemen waardoor de bouw van het toestel langer duurde dan verwacht. Japan was in de winter van 1941 al begonnen met onderzoek naar het gebruik van straalmotoren.In 1943 was een technische missie in Duitsland geweest. Zij verzamelden informatie, documenten, foto’s, onderdelen en dergelijke van de BMW 003 straalmotor. Deze motor was ook voorgesteld voor de Me-262 maar werd uiteindelijk niet gekozen. De onderzeeboot met deze zaken verdween echter op de reis terug naar Japan. Diverse specialisten reisden op een andere onderzeeboot en op basis van hun persoonlijke aantekeningen kon alsnog een vergelijkbare motor worden geproduceerd.

Het eerste prototype verliet op 30 juni 1945 de fabriek. Er werd alleen mee gereden en een maand later werd het vliegtuig naar het Kisarazu marinevliegveld getransporteerd voor testvluchten. De eerste vlucht was op 7 augustus en duurde 20 minuten.Voor de tweede testvlucht werden hulpraketten geïnstalleerd om het vliegtuig gemakkelijker in de lucht te krijgen. Tijdens het opstijgen constateerde de testpiloot problemen en besloot de start af te breken. De remweg was te kort waardoor het vliegtuig in een greppel terechtkwam en beschadigde. Voor het gerepareerd kon worden was de oorlog afgelopen.

Na de oorlog werd het prototype en diverse toetellen in aanbouw door de Amerikanen meegenomen voor onderzoek. Het National Air and Space Museum heeft een exemplaar in slechte staat.

Nakajima J9Y Kikka.jpg

Rol Jachtvliegtuig/bommenwerper
Bemanning 1
Status
Gebruik Japan
Afmetingen
Lengte 8,1 m
Hoogte 3,0 m
Spanwijdte 10,0 m
Vleugeloppervlak 13,2 m²
Topsnelheid 696 km/u
Actieradius 205 km
Dienstplafond 12300 m

Yokosuka MXY-7 Oka

De Yokosuka MXY-7 Ōka (Japans: 櫻花, kersenbloesem), door de Amerikanen "Baka" (Dwaas) genoemd, was als kamikaze-vliegtuig voor de Japanse Keizerlijke Marine ontworpen. Hij werd ingezet in de strijd in de Stille Oceaan tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De Yokosuka werd als kamikaze-vliegtuig ontworpen voor de Japanse Keizerlijke Marine. Eerdere pogingen om een kamikaze-vliegtuig te bouwen, bijvoorbeeld speciale versies van de Zero, waren geen succes, want deze konden niet genoeg explosieven meenemen. Er werden in totaal ongeveer 750 Ōka's gebouwd. Het was eigenlijk net een Duitse V-1 vliegende bom, maar dan bemand. Het had twee relatief korte vleugels, een koepel en een bovenliggende achtervleugel, met twee zijwaartse verticale rolroervleugels.
De Ōka werd onder een speciaal aangepaste Mitsubishi G4M2 Betty-bommenwerper tot binnen bereik van het doel gebracht. Daarop vloog het toestel in glijvlucht tot vlak bij het doel, waarna de raketmotor werd gebruikt om met hoge snelheid de luchtverdediging te passeren om zich vervolgens op het doelwit te storten. Het type 11 was de enige versie, die daadwerkelijk aan de strijd deelnam. Andere versies kwamen te laat. Latere versies zouden vanaf lanceerplatforms op land of zee worden gelanceerd. Dit platform lag schuin naar boven, zodat het toestel snel hoogte zou winnen na lancering.
Specificaties van type 11
Motor: Type 4 Model 20 raketmotor.
Lengte: 6,10 m
Hoogte: 1,20 m
Spanwijdte: 5,10 m
Vleugeloppervlak: 6 m²
Max. snelheid: 960 km/h
Actieradius: 100 km
Explosieve lading: 1200 kg trinitroaminol
Totaal gewicht: 2140 kg
Specificaties van type 22
Motor: Tsu-11 thermojet
Lengte: 6,90 m
Hoogte: 1,20 m
Spanwijdte: 4,10 m
Vleugeloppervlak: 4 m²
Max. snelheid: 430 km/h
Actieradius: 126 km
Explosieve lading: 600 kg
Totaal gewicht: 1450 kg
Specificaties van type 43
Motor: Ne-20 turbojet
Lengte: 8,20 m
Hoogte: 1,20 m
Spanwijdte: 9,00 m
Vleugeloppervlak: 13 m²
Max. snelheid: 540 km/h
Actieradius: 270 km
Explosieve lading: 800 kg
Totaal gewicht: 2270 kg

Ōka Model 11 in het USAF museum

 

 

Een blik in de cockpit

Ontwerpschema van de Ōka

4-Japan in de Tweede Wereldoorlog

1---2---3---4---5---6---7